Geschiedenis

Bij de start in 1945 wordt steun gezocht bij de Heerenveense Fryske Krite, deze toneelvereniging levert de eerste regisseur namelijk Thymen de Vries.

Tot 1970

In 1947 zal Jan v.d. Ree, directeur van de Rijkskweekschool, deze taak op zich nemen. Naast het spelen in meerdere sprookjes weet hij het spelen tot een hoger niveau te brengen. Ook zijn opvolgers Sietze Duisterhout, Floor Féléus en J. Vonk weten dit hoge niveau te handhaven.

Herman Tichelaar

In 1970 neemt Herman Tichelaar de regietouwtjes in handen. Hij zal, tot ieders grote tevredenheid, 25 jaar de artistieke leider zijn van het hele gezelschap. Zijn opvolger Herman van der Baan, vele jaren spelend onder de regie van Tichelaar, mag van hem de scepter overnemen. Net als zijn voorgangers weet ook van der Baan het sprookje elk jaar weer tot een succes te maken.

In 2005 komt er een nieuwe regisseur. Benny Mulder, al jaren dragende speler, neemt de scepter over van Herman van der Baan. Benny Mulder bewijst de laatste jaren ook steeds weer de faam van ‘Het Sprookje’ hoog te kunnen houden!

Met ‘Het Sprookje’ bedoelen Heerenveners, zowel jong als oud, de voorstelling die rond Sinterklaas opgevoerd wordt. Een begrip dat feitelijk de ‘lading’ niet dekt, want in de afgelopen 66 jaar zijn er slechts zes echte sprookjes opgevoerd, namelijk ‘Vrouw Holle’ (1947, 1954, 1961 en 2000), ‘De gelaarsde kat’ (1948,1996 en 2010), ‘Assepoes’ (1952 en 1958), ‘Repelsteeltje’ (2006), ‘Sneeuwwitje’ (2007) en in 2009 ‘Zwaan kleef aan’!

Wel staat tot ver in de zeventiger jaren ‘het sprookje’ in het teken van figuren die bij een sprookje horen: koningen en koninginnen, prinsen en prinsessen, dienaren en hofnarren, tovenaars en heksen, arme maar brave lieden en kwaadwillende booswichten. Altijd eindigend met een happy end, want dat hoort bij ’het sprookje’!

In de jaren negentig introduceert Herman Tichelaar ‘het sprookje’ in de vorm van een kindermusical.

Herman van der Baan

Regisseur Herman van der Baan, opvolger van Herman Tichelaar presenteert aanvankelijk enkele sprookjes uit het verleden, maar gaat in 2003 met ’Lekker vies!’ de meer ‘absurdistische’ kant op, naast het ‘chatten’ naar een andere planeet, verschijnt ook voor het eerst een travestiet ten tonele. In ‘Hoog bezoek in Kneuzel’ (2004) wordt het toneelspel ‘uit de voorstelling gehaald’ door af en toe uit de tekst te stappen. Maar… er komt wél een koningin in voor! ‘Absurdistisch’, maar passend in de traditie.

Benny Mulder

Benny Mulder, als opvolger van Herman van der Baan, gaat na ‘Het vergeten volkslied’ (geschreven door Gerard Wolters, directeur van Posthuis Theater), weer de kant op van ‘echte’ sprookjes. In 2006 met ‘Repelsteeltje’, in 2007 met ‘Sneeuwwitje’, in 2009 met ‘Zwaan kleef aan’, in 2010 met ‘De gelaarsde kat’ en in 2013 met ‘Assepoester’.

De afgelopen jaren roept hij de hulp in van toneelschrijver Aris Bremer die op zijn verzoek hedendaagse bewerkingen maakt van ‘Doornroosje’ (‘Wakker worden, Roosje!’ – 2015) en ‘Vrouw Holle’ (‘Vrouw Holle doet het wéér!’ – 2016). Dit jaar verschijnt ‘Klein Duimpje’ op het Posthuistoneel onder de titel van ‘Klein Duimpje en de huilende Reus’.

Sprookjes die, mede door de inspirerende regisseur, op een zeer hoog niveau worden gebracht.